Herinneringen

Faignaert Marieken - 31/01/2009

Geboren te Schendelbeke op 13 juli 1911 en overleden te Geraardsbergen op 6 mei 2003

Marieken (Marie Magdalena) was het derde kind van het echtpaar Alfons Faignaert en Victorina Daneels. Haar vader was meubelmaker en moeder zorgde voor het gezin. Op de volgende foto's zien we de moeder van Marieken en verder Marieken als jong meisje met haar viool.

Haar vorming begon in de dorpsschool van Schendelbeke waar ze haar talent voor het schilderen reeds toonde. Na de lagere school besliste Marieken een opleiding te volgen als verpleegster in het St. Pieters Ziekenhuis te Brussel, waar ze nadien dertig jaar gewerkt heeft. Op de volgende foto uit de jaren '50 zien we Marieken op de onderste rij, 2de van rechts, samen met enkele collega's.

Maar Marieken worstelde met haar verlangen om te schilderen en om haar gevoelens te kunnen uiten, niet alleen verbaal maar ook op doek. Daarom ging ze naar de kunstacademie te Brussel.

Op 9 augustus 1961 huwde zij met Gerardus (Gerard) Heusequin te Oostende. Het echtpaar had geen kinderen. Hier zien we achtereenvolgens Marieken met haar man, Marieken met haar moeder en tenslotte haar man aan zee. Verder volgt ook nog een copie van de huwelijksakte.

Ze tekende haar werken meestal met M Faingnaert i.p.v. Faignaert.

Marieken had een originele persoonlijke levensstijl. Haar huis en atelier “De holle oven”, in de Ganzestraat te Schendelbeke, was meer dan een woning. Het interieur was een aaneenschakeling van vele zaken en dingen uit het verleden: kasten, zetels, stoelen, tafels met alles wat erop, eronder of ernaast stond. Deze voorwerpen vormden een bladzijde uit het dagboek van Marieken, een prachtverhaal over kind zijn, over vader, moeder, echtgenoot Gerard, over leven en dood, hoogten en laagten, lente en winter, dorre takken en prachtige mimosa, van grote vriendschappen enz. De volgende foto's tonen ons enkele beelden van haar leefwereld.

De creatieve gave erfde ze wellicht van haar vader, een zeer creatieve meubelmaker. De rijkdom in haar eenvoud had ze van moederszijde meegekregen. Alle stukken van haar moeder werden als relikwieën bewaard: een afgedragen hoed, een gescheurd schortje, een dorre bloem, een scheefgezakte stoel, een tas, een napje enz. Al deze eenvoudige dingen waren voor Marieken levensbelangrijk.

Ook de dagelijkse krant nam ze met bijzondere interesse door, zelfs de sportbladzijden. Marieken was een fanatieke supporter van Oostende en de rood-groene sjaal was nooit ver weg.

Schilderen, dichten, en de natuur observeren, moest Marieken 15 jaar lang combineren met het verzorgen van haar man Gerard, iets wat ze met veel liefde en geduld deed

De kleren die Marieken droeg straalden een eigenheid uit, iets typisch misschien, met uitzondering van enkele stukken “mode de Paris”. De jurken waren het mooist wanneer ze er zelf de nodige versieringen op aanbracht.

Haar tuin vertelde eveneens haar levensvisie: kronkelende paadjes tussen bloemenstruiken met hier en daar een oude pot of emmer waar geurige bloempjes in bloeiden. Verder een oud houten kruis dat ze op haar rug ooit eens meebracht van het kerkhof. De stam van enkele berkenbomen bekleedde ze met afgedragen kleren en op die manier probeerde ze de bomen te verpersoonlijken. Ze gaf de natuur carte blanche voor de begroeiing van een pergola die ze zelf maakte met gewone stokken. Aan de ingang, bij het hekje werd iedereen die aanbelde verwelkomd door de vredesduif, die vanop een paaltje tussen het groen, haar boodschap toonde: “wees goed voor elkaar”. Hier zien we Marieken bij het hekje en haar vredesduif.

Haar leven was gewijd aan kunst, schilderen, dichten en muziek fascineerde haar. Ze speelde af en toe zelf een streepje viool en beeldhouwde haar borstbeeld om op haar graf te plaatsen (zie volgende foto's).

Ze verwoordde haar passie tijdens een interview met een journalist als volgt: “  Reeds in mijn vroegere kinderjaren was het penseel en kleuren mijn grote liefde. Ik ben met de gave geboren en zulks heeft me nooit meer los gelaten. Gedreven door die liefde ben ik op zoek gegaan en ben ik blijven zoeken. Ik voelde steeds die innerlijke drang die mij alle wegen instuurde, tot ik besefte dat ik veel moest opofferen voor mijn schilderspassie. Het harde werken bracht me soms zover dat ik mijn ogen moest sluiten om te kunnen zien. Ook voelde ik het mijn plicht te werken en bijgevolg werd mijn tijd verdeeld tussen kunst en plicht. Schilderen vergelijk ik met een oude boom die in de lente zachtjes wuift van vreugde en treurig is in wintertijd. Zo een vergelijking ontroert en bezielt mij en sleurt mij naar het doek

Inspiratie komt zo eenvoudig, in mijn huis, mijn tuin, mijn dorp dat altijd wenkt, in een glimlach, een traan, de keten van het leven. Als ik kleuren kies, is het alsof mijn hand wordt begeleid door mijn moeders hand, naar de kleur die mijn hart voelt. In de winter schilder ik het vaakst en het liefst, omdat ik in die periode van het jaar de eenzaamheid het best voel en heimwee heb naar de avondschemering van een zonnige herfstdag. Ik schilder bloemen, het graan, het brood, de mens, de ziel, de dood. Iedere dag opnieuw gedreven door het gedrang van het leven, herinneringen die je niet loslaten en stuwen naar de kleuren, zo leg ik mijn gevoelens vast op een doek.
Het hoogste geluk dat gij anderen kunt verschaffen is dat jij met hen meeleeft en ze laat meeleven met u”

Marieken overleed te Geraardsbergen op 6 mei 2003. De volgende foto’s tonen het gedenkprentje.

Werken van haar waren op verschillende tentoonstellingen te zien:

Luc De Winde heeft met dit gedicht getracht de zin, de ziel en de artistieke gedrevenheid van Mariekens werk te verwoorden. Een gedicht lijkt hem de beste manier om Marieken haar schilderijen te kenmerken. Marieken schildert poëtisch en voelt de werkelijkheid dichterlijk, eenvoudig en diepmenselijk aan. In haar hele oeuvre poneert Marieken de filosofische kern van eenieders bestaan: de beproefde mens. Maar ze is zeker niet zwartgallig of pessimistisch en vindt steeds opnieuw de kracht om de noodlottigheid letterlijk te verbloemen. Dat zien we in haar schilderijen die worden opgefleurd met volle kleuren, kleuren van hoop en geloof in “het wordt wel beter”. Op de volgende foto ziet men Marieken met bloemen tijdens deze opening.

Tijdens haar verblijf in Residentie Beauprez te Grimminge stelde ze een 20-tal werken tentoon op haar kamer en hal. Ziehier enkele foto's gemaakt tijdens haar verblijf in de Residentie.

De volgende foto toont haar laatste nog niet afgewerkt schilderij

Marieken behaalde met haar werken diverse prijzen:

Ziehier enkele fotos van deze onderscheidingen

Hier volgen nog enkele van haar gedichten:

Kerstmis:

O zalige zoete dag, die ons geheugen en ons harte verblijdt en ook soms mijmeren doet.
O kerstmis, O kerstnacht, O kerstgevoelens, O kerstfeest, honderden woorden zou ik zeggen maar geen enkel is schoon en groot genoeg om de betekenis van kerstmis te omschrijven.
Ik voel me alleen, rol en bol me in de sneeuw en verblijd mij rond de kerstman.
Ik voel me jong, zie alles zo mooi.
O kerstfeest licht en glans.
Eens oud voelt men zich best rond een gloeiende kachel, gedachten gaan dan soms einde verre.
Soms komt een traan ’t oog verduisteren, een stille zucht ontsnapt uit het hart.

Afscheidsgroet aan echtgenoot Gerard:

Stil en gelaten hebt gij uw bescheiden reis volbracht
Iedere dag voel ik nog het leed, de weg, de snerpende wee der scheiding
Moeilijke momenten waren vlug vergeten, omdat we wederzijds aanvoelden wat er nodig was
Niets was te moeilijk of teveel. Uw zalvend woord was “Marieken er zijn er die het veel beter hebben dan wij, maar er zijn er ook veel die het minder goed hebben.

Hoe mis ik uw goede raadgevingen, soms was jij een strenge jury voor mijn kunstwerken.
Onze geliefde sport volgden wij met veel moed.
Bij tegenslag was een troostend woordje vlug bedacht.
Omringd door vrienden werd door u met blijheid het “Onze Vader” gebeden.
Nu is het stille . “ Stilte om me heen” zegt een woordje van vriendschap en vree
Kom mijne ziele leg uw leed opzij en dank met mij voor de vriendschap en goedheid.
Wachtend tot mijn stenen breken en weer dichtslaan.
U dankend voor al het goede.

Bomen

Vaak zie ik in mijn geheugen bomen staan
Twijgen die heen en weer gaan
Blaadjes die zoo schoon zijn, wortels die niet sterven kunnen

Een mensenleven is als een boom, we leven als de twijgen en denken het is lentetijd, en de winter komt nog lang niet.
Maar op levenswegen komt storm onverwacht, en men denkt nog aan die wortels, maar helaas ook deze verdorren en sterven.

Horizon

Je horizon ligt niet ver
Soms buiten de deur, een kleine streep, recht of scheef.
Maar uw horizon moet je hart vervullen met liefde voor allen
Ver of dichtbij.

Ik zal het nooit vergeten

Ik heb hier zoiets gevoeld en moet nog denken wat
Het zweeft zo rond mij heen, is het klein of is het veel of is het groot.
Wat zal het zijn?
Het zal zeker vriendschap zijn, die diepe wonden heelt, het zal ook goedheid zijn die
eens leven doet.
Het zal alles zijn die een mens nodig heeft om voort te gaan, met vreugde en een verdoken traan,
Tot muren breken en weer dichtslaan.

Door het venster

Door het venster zie ik gele, blauwe vlekjes wemelen
Anneken en Janeken zijn aan het spelen
Ze wemelen omhoog en omlaag
De duifjes vliegen en wiegen door elkaar, een schone dag.
s’Avonds gaat het zonnescherm toe
Anneken en Janeken en de duifjes zijn zo moe
’t Wordt stille, O stille nacht
Ik wens jullie allen goede nacht.

Levensspreuk:

Wacht avondstond
Gij zijt zo schoon

Wees goed voor elkaar

Voorbeelden van werken :